Kies Lettergrootte: aaa ?
De Restauratie van de Kloosterkerk te Thesinge in 1973

Sinds 1971 is de Stichting Oude Groninger Kerken eigenaresse van de kloosterkerk. Zij ziet het als haar taak prachtige, historisch belangrijke gebouwen zoals deze zo goed mogelijk te restaureren en te conserveren. Het meest recente staaltje van goede zorg moge blijken uit de afhandeling van de schade die dit jaar (2013) ontstond, toen er een brandje uitbrak op de zolder van de kerk. Niet alleen werd de directe schade hersteld en alles schoongemaakt, maar werden alle elektriciteitsvoorzieningen aangepast aan de moderne tijd.
In 1972 was zij ook de opdrachtgeefster tot een indrukwekkende restauratie. Deze was dan ook hard nodig: de sluitmuur – daar waar de ingang is – was aan het verzakken, dak en metselwerk moesten dringend worden nagekeken en waar nodig hersteld, kortom een waslijst aan aandachtspunten.

rk_image1.jpg
Kloosterkerk met moestuin, voor de restauratie

rk_image2.jpg

Inrichting kloosterkerk voor de restauratie

De restauratieplannen trokken heel wat aandacht. Niet zo verwonderlijk als je bedenkt dat er sprake was van een restauratie van een gebouw waarvan men zeker wist dat het er al stond in het jaar 1283 (eerste, officiële, van een zegel voorziene, vermelding). Het Nieuwsblad van het Noorden wijdde er verscheidene artikelen aan en ook gezaghebbende archeologen en historici konden haast niet wachten. Het ging eigenlijk niet alleen maar om de kloosterkerk, maar om het hele kloosterterrein – de oude kern van het dorp Thesinge.

rk_image3.png

De opdrachtgeefster, de Stichting Oude Groninger Kerken, besloot de kerk te laten restaureren naar de toestand, waarin de kerk zich in 1786 bevond. Na de Reductie van Groningen (1594), toen alle kerkelijke goederen in de Provincie Groningen aan de staat vervielen en de kloosters dus in feite werden opgeheven, raakte ook het klooster Germania danig in verval. De eens imposante kruiskerk kreeg in 1786 de genadeslag toen het schip en de dwarspanden werden afgebroken. Alleen het koor (de huidige kloosterkerk) bleef bewaard.

rk_image4.jpg rk_image5.jpg

rk_image6.jpg

( bouwtekening van de Gemeente Ten Boer, 1939)

De Begroting en Aanbesteding
De hele restauratie werd begroot op F 600.000 en kon voor 95% worden gesubsidieerd. De restauratie geschiedde onder de supervisie van het Architectenbureau ir. Oom, onder leiding van ir. A.Th. Dubbeling. Dit bureau hield van het hele restauratieproces een dagboek bij, gevuld met notulen van werkoverleg, krantenartikelen, historisch en archeologisch relevant nieuws, foto's en andere aanverwante zaken. Ik maak in dit artikel daar dankbaar gebruik van. Het daadwerkelijke restauratiewerk werd gegund aan Bouwbedrijf Y. Schakel te Exmorra. De gunning vond plaats op 21 december 1972.

De Restauratie
De restauratie van de kerk is een ingrijpend verhaal, waarin bijna niets wordt overgeslagen. Van de herkomst van de trotseerloodjes (kleine loodjes waarmee de nokvorsten – de tunnelvormige dakpannen op de nok van het dak – werden vastgezet) tot een totaalrestauratie van het orgel, de preekstoel en de kerkbanken, van gekissebis over de juiste kleurstelling tot de beste manier om de kerk te verwarmen, het kwam allemaal aan bod. Het hele project werd gestuurd middels een stappenplan, waarbij vaak op zeer korte termijn moest worden besloten wat nu de beste aanpak was. Dit improvisatietalent van zowel het architectenbureau, de aannemer maar ook van de Thesingers die toen in de bouwcommissie zaten, hebben geleid tot wat we nu hebben: een prachtige kloosterkerk, voor vele doeleinden geschikt.
De eerste bouwvergadering werd op 21-12-1972 gehouden op het Zuiderpark 21, te Groningen, in aanwezigheid van de heren R. Steensma en L.G. Reker (Stichting Oude Groninger Kerken), Dhr. L. Dreize (Plaatselijke Commissie Thesinge), Dhr. Y. Schakel (Bouwbedrijf Schakel B.V.) en de heren ir. A.Th. Dubbeling, W. Kampman en B. Raangs (Bureau voor Architectuur en Ruimtelijke Ordening, ir. Oom). Aldaar werden de eerste besluiten genomen: het baarhuisje zal worden gesloopt, voor de losse interieurstukken moet een plek worden gezocht, er is behoefte aan een bouwkeet en een tekentafel, een telefoonaansluiting moet worden geregeld en er wordt besloten een wekelijks bij te houden dagboek te starten.

Gedurende de daarop volgende weken komt er veel los:

  • demontage en opslag van het orgel; het pijpwerk, de windlade en de zware balg worden opgeslagen op de zolder van de Openbare School te Thesinge (nu De Oude School)
  • demontage van de kerkbanken; onder de banken ligt veel puin, dat moet worden afgevoerd. In eerste instantie wil men hiermee de Schipsloot dempen (!), maar het architectenbureau steekt hier een stokje voor. Onder de kerkbanken wordt geen vloer aangetroffen.

    rk_image7.jpgrk_image8.jpg
  • De preekstoel wordt afgevoerd naar Exmorra voor restauratie.
  • Het van gewapende beton gemaakte middenpad wordt verwijderd, alsmede een grafzerk.
  • De kerkbanken en de rest van het orgel worden opgeslagen in de schuur van landbouwer Zuidema.

Ontdekkingen
Er breekt dan een spannende tijd aan: wat gaat de kerk prijsgeven aan historische informatie? De eerste verrassing wordt gevonden wanneer de twee vierlingspijlers (een vierlingspijler is het fundament waarop de muren van het schip en dwarsschip rusten) worden blootgelegd. In de vulling van deze grondbogenconstructie worden stukken steen gevonden van een vorig gebouw. Men denkt aan een oudere kapel. Met deze gedachte wordt de bouwdatum van de kloosterkerk naar een vroeger tijdstip verschoven.

(In de 'Vita Sancti Hathebrandi', het heiligenleven van Sint Hathebrand, wordt deze Hathebrand genoemd als de stichter van drie kloosters, Feldwerd (Feldwirth), later Oldeclooster genoemd, bij Holwierde, Thesinge en Meerhuizen in Noord Holland. Deze Hatehebrand werd in Fivelgo geboren in de 12e eeuw, ging naar school in Appingedam, en stierf 30 juli 1198.

  • De houten vloer in het koorabsis (de halfronde ruimte voor in de kerk) wordt verwijderd en er komen een paar plavuizen tevoorschijn, die als opvulling werden gebruikt. Aan de noordzijde van deze halfronde ruimte wordt een klein vloerrestant gevonden, voor de nis met het dichtgemetselde venster in de noordgevel (vlakbij waar nu de ouderlingenbank staat). In deze nis komt een oud eikenhouten kozijn tevoorschijn. Wanneer het metselwerk tussen het kozijn wordt verwijderd blijkt hier achter een holle ruimte te zitten, met daarin een geprofileerde bakstenen dorpel en een gedeelte van een oud vloertje, bestaande uit diagonaal gelegde plavuizen van 15x15. Het oude kozijn wordt verwijderd en de opening wordt weer dichtgemetseld; de dorpel en het vloerrestant blijven liggen. Men denkt dat in deze nis een toegangsdeur heeft gezeten naar een daarachter gelegen aanbouw. Onder het vloertje blijken zich twee lage muurtjes te bevinden van kloostermoppen, wellicht het restant van een grafkeldertje.
    rk_image9.jpg
  • In verband met de noodzaak een nieuwe vloer aan te leggen werd de aarde binnen de kerkmuren tot een diepte van 80 cm beneden het bestaande vloerpeil verwijderd. 20 cm diep kwamen langs de plinten resten tevoorschijn van een oudere vloer bestaande uit op hun vlakke kant neergelegde kloostermoppen. De verwijderde aarde bevatte naast puin ook menselijke skeletdelen.
  • Een grote grafzerk wordt voor de ingang verwijderd (het verhaal wil, dat hier de gehate Coppen de Meppsche lag begraven, gestorven 1597; men kon zijn agressie kwijt door bij het binnengaan van de kerk stevig op de zerk te stampen...).
  • Het baar-of lijkenhuisje wordt gesloopt, omdat er moet worden geheid.
  • Het heien wordt in de derde week van maart 1973 verricht; de palen gaan tot 12 meter beneden het maaiveld de grond in. Het blijkt dat de bodem erg slap is wat blijkt uit het 'golven' van de bodem, als de palen door een vastere laag worden geheid. Er wordt besloten tot een grondboring binnen de kerkruimte. Het bodemmonster wijst uit, dat er op ca. 50 cm beneden het maaiveld een laag veen van ongeveer 65 cm aanwezig is. In de omgeving – de Woldstreek – is echter nergens meer veen aanwezig, hetgeen tot de conclusie lijdt dat de omgeving vroeger reeds is ontveend.
  • (In de vroege Middeleeuwen was de turf uit de Woldstreek zeer gewild om zijn kwaliteit; de ontvening is tevens onomstotelijk bewijs, dat de kloosterkerk NIET op een terp staat en dat Thesinge dus ook NIET een terpdorp is: de kerk staat tot op de dag van vandaag nog op veengrond, rondom de kerk en wijde omtrek is al het oorspronkelijke veen afgegraven)
  • NB: Uit: Monumenten van Geschiedenis en Kunst in Oost-Groningen (M.D.Ozinga,1940): "Ondanks de ten opzichte van de omgeving duidelijk waarneembare verheven ligging van Thesinge's dorpskern ligt de kruin beneden N.A.P., in tegenstelling tot de woonheuvels in de karakteristieke terpengebieden buiten de Wolddijk. De onderwijzer J.G.Rijkens, die zich als een der eersten toelegde op terpenonderzoek in de provincie Groningen, schrijft in de Leenster Almanak van het jaar 1831 dan ook dat het zeewater tijdens de stormvloed van het jaar 1717 een voet hoog in de kerk stond."
    rk_image4.jpg
  • De dakruiter - het torentje - moet voor grondig herstel van het dak worden getakeld, hiervoor is de Fa. Lommerts gevraagd. Woensdag 28 maart staat de dakruiter op het kerkhof. De restauratie zal ter plekke worden gedaan. Het draagkruis onder de dakruiter in de kap van de kerk is verrot en moet worden vervangen.

Muurschilderingen
Ik citeer uit het Nieuwsblad van het Noorden:
Eén van de dingen waar deskundigen met nieuwsgierigheid naar uitzien betreft muurschilderijen. Het is al wel zeker dat er schilderijen zullen worden blootgelegd, maar men weet het fijne er nog niet van. "We weten dat er in ieder geval kleurschema's tevoorschijn zullen komen. Het is nog niet zeker dat het ook voorstellingen betreft, maar dat verwachten we eigenlijk wel," zegt drs. R Steensma, secretaris van de Stichting Oude Groninger Kerken.
rk_image10.jpg rk_image11.jpg
Wijdingskruis - zuidgevel  / kruis met symboliek - noordgevel

In de week van 21 t/m 25 mei wordt er onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van kleurschema's. Het volgende wordt aangetroffen:

  • Schilderwerk rond de ingang en in een spaarveld (ondiepe, blinde nis in een muur) in de noordgevel, hetgeen blijkt te behoren tot een blokversiering in grijs met rood met een zwarte omlijsting.
  • In een spaarveld rechts komt een gehavende voorstelling tevoorschijn van de kruisiging. Deze voorstelling is sterk symbolisch uitgevoerd: een kruis, staande op een gestileerde berg (Golgotha). Op dit kruis is geen figuur afgebeeld, maar slechts symbolen hiervan. Een stralenkrans en enkele nagels suggereren een figuur.
  • In het spaarveld naast de voormalige vensters in de zuidgevel wordt een wijdingskruis aangetroffen.

Het onderzoek wijst uit, dat er vier perioden van muurschilderwerk zijn geweest:
1. ongepleisterde wanden met hier en daar plakken pleisterwerk met wijdingskruizen;
2. na het aanbrengen van bepleistering is er versiering aangebracht in het koorgedeelte en in enkele delen van het schip;
3. een blokverband, lijkend op imitatie zandsteen;
4. een periode bestaande uit rode biesjes.

In de bouwvergadering wordt er stevig gediscussieerd welke periode nu het beste kan worden gebruikt voor het restauratie schilderwerk. Men komt er in eerste instantie niet uit en vele argumenten passeren de revue. Uit de notulen van de bouwvergaderingen komt een zeer stevige uitdraging van standpunten naar voren. Het enige waarover men het eens wordt is het herstel en de conservering van de wijdingskruizen (zie afbeeldingen). Uiteindelijk wordt besloten (mede gelet op de kosten: een overeengekomen bedrag van f 3000,- voor kleurenonderzoek was al gestegen tot f 5.543,64!) de kerk te witten, de wijdingskruizen te conserveren en tekeningen te laten maken van de vier perioden.

rk_image12.jpg rk_image13.jpg rk_image14.jpg rk_image4.jpg
Diverse stadia van de restauratie, zomer 1973

Ontdekkingen buiten de kerk
Op enige meters ten oosten van de koorsluiting werd een gemetseld grafkeldertje gevonden, afgedekt met schuins tegen elkaar geplaatste kloostermoppen.
In het uiterste zuidoosten van het kerkterrein werd een kloosterlijke steenoven blootgelegd met fragmenten van kloostermoppen, sier-en profielstenen.

Het torenuurwerk

rk_image15.jpeg

Het oude torenuurwerk (begin 17e eeuw) wordt gedemonteerd, na alles intensief te hebben gefotografeerd. Op de zolder worden nog enige overcomplete onderdelen gevonden, overgebleven van een restauratie uit 1947. Het uurwerk wordt opgeslagen op de zolder van de kerk van Obergum.

(NB: Op de bouwvergadering wordt gevraagd naar de mogelijkheid om tot plaatsing van een elektrisch uurwerkje over te gaan, indien mocht blijken dat er later niemand beschikbaar is om het uurwerk bij te houden - de architect vond dit geen probleem.....)

rk_image16.jpg
Deze zware keien moeten om de 24 uur worden opgehesen om het uurwerk te laten functioneren

Het orgel

rk_image17.jpg rk_image18.jpg
Het orgel in de kloosterkerk is gebouwd in 1873 door Roelf Meijer. Het orgel kostte toentertijd 1100 gulden. Meijer was een Groninger orgelbouwer, geboren in Veendam. (Wikipedia: "Zijn orgels worden beschouwd als kwalitatief hoogstaand en waard om behouden te blijven.")
Voor de duur van de restauratie werd het orgel verzekerd voor een bedrag van 50.000 gulden. De restauratie van het orgel is geraamd op bijna 12.000 gulden, exclusief BTW. Er wordt uiteraard subsidie aangevraagd bij het Rijk, die erkent dat het orgel een monument is, maar slecht bij kas is. Wellicht is er in 1976 geld voorhanden. Niettemin wordt besloten tot restauratie. Het vinden van een geschikte orgelrestaurateur blijkt echter niet mee te vallen: geen tijd, te druk, geen belangstelling, etc. Uiteindelijk wordt het werk uitgevoerd door de Gebr. Reil te Heerde. Restauratie was noodzakelijk, het frontpijpwerk was al bezig te verzakken en een pijpvoet was al verkreukeld. Het herstel van het orgel werd uiteindelijk gefinancierd door schenkingen aan de kerk.

(Bronnen: Foto's (voornamelijk): Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Dagboek Restauratie Kloosterkerk - Bureau voor Ruimtelijke Ordening)

Haye van den Oever


Agenda
november 2017
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
    1 2 3 4 5
6 7 8 9 10 11 12
13 14 15 16 17 18 19
20
21
22 23 24 25 26
27 28 29 30      
december 2017
Ma Di Wo Do Vr Za Zo
        1 2 3
4 5 6 7 8 9 10
11 12 13 14 15 16 17
18 19 20 21 22 23 24
25 26 27 28 29 30 31
Binnenkort in Thesinge
25 november 2017
Natuurwerkmorgen & Intocht Sinterklaas

De jaarlijkse natuurwerkmorgen wordt dit jaar gehouden op zaterdag 25 november aanstaande. Bomen snoeien en bladharken is daarbij de belangrijkste taak. Iedereen is van harte welkom. Neem zoveel mogelijk eigen gereedschap mee. Om 10.00 uur is er koffie met taart en staan we even stil bij onze oh zo belangrijke grasmaaipoule.We sluiten de morgen af met overheelrijke erwtensoep, dit jaar gemaakt door Clara van Zanten. (zie: kerkthesinge.nl)

's middags: De Intocht Sinterklaas in Thesinge - Vanaf ongeveerd 13:30 uur zal de Sint aankomen in Thesinge. Jong en oud uit Thesinge en Garmerwolde worden uitgenodigd voor deze intocht. We verzamelen voor Dorpshuis Trefpunt (Kerkstraat) zodat we hem samen tegemoet kunnen lopen.

Ook dit jaar logeert de Sint weer een nachtje in Thesinge: op 1 december.

Historie: Archief
Foto van de maand
foto meiv2017 MU.jpg
Zoek op thesinge.com
Hou me op de hoogte
Wil je een email ontvangen als er nieuwe berichten op Historie verschijnen? Geef hier je emailadres op.